(Tager), m.
(Tager), m.
Amtsperson, die Vorladungen vor Gericht tätigt
bdv.:
1Lader (I)
vgl.
tagen (II)
-
als angaende den daghers, die men eet baillius van den voornomden subalterne weten, zullen huerlieder daghinghen doen binnen dezer stede1547 CoutGand II 274 Faksimile